Prooi

Met een onrustbarende ‘boem!’ vloog er een smelleken tegen het raam van onze huiskamer. Hij (?) lag al meteen te zieltogen in het gras met zijn prooi vlak naast zich. Die had het leven al eerder gelaten blijkbaar. Wat is zo’n roofvogeltje mooi en wat is de natuur toch wreed. Naar mijn maatstaven dan. Voor een smelleken bestaat er geen wreedheid of deernis. Het leven is zoals het is en anders niet. Geen gevoelens en geen emoties.
Wat ben ik dan een vreemd wezen dat ik die wel heb? Ik had medelijden met dat smelleken maar ook met zijn prooi. Dat medelijden leverde mij overigens niet veel op en die twee vogels ook niet. Ik heb maar een gat in de tuin gegraven en daar ‘dader en slachtoffer’ ingelegd. De vorst heeft beide de volgende nacht stevig toegedekt.
Het bepaalde mij wel weer eens bij het menszijn. Volgens biologen kennen sommige dieren ook wel emoties en gevoelens, maar geen levend wezen is er zo mee behept als de mens. Heb-
ben wij dat nou speciaal ontwikkeld in de loop van de evolutie of heeft een Schepper er dat bij ons ingebouwd? Hoe het ook zij, wij zitten er maar mee. Nou ja, niet allemaal. Je hebt ook mensen met weinig gevoel. Je vindt die ook wel in de Bijbel in verhalen over b.v. Samuël ( 1Kon.15) of Petrus (Hand. 5:1-11) Die mensen met weinig gevoel lijken daar zelfs uit naam van God te handelen. Maar veel mensen weten gelukkig wel wat deernis is. Ook al levert dat gevoel nogal eens pijn op. Meeleven met iemand betekent soms ook dat je de pijn van die ander meevoelt.
Een mensenleven zou voor iedereen kostbaar moeten zijn. Je aan een mensenleven vergrijpen is eigenlijk iets onbestaanbaars. Letterlijk zoals moord maar ook figuurlijk. Als je zegt dat ho-
moseksualiteit zondig is beneem je een ander zijn/haar menszijn. Als je een kind misbruikt degradeer je het tot een speeltje voor jouw eigen seksueel genot en vermoord je hun bestaans-
recht als mens. Wanneer je armen arm houdt door allerleis douceurtjes voor rijken verniel je het bestaan van die armen.
Een smelleken redeneert niet, wij kunnen dat wel. Een smelleken oordeelt niet, wij wel. Een smelleken kent geen deernis, wij hebben er weet van. Een dag na de ‘begrafenis’ van deze vogel lag er rijp op de aarde. De lage zon deed die rijp oplichten in alle kleuren van de regenboog: er lagen overal diamantjes op de grond. Wat mooi! De natuur als een soort praal-
graf. Kijk, dat heeft een dier ook niet: gevoel voor schoonheid. Raadselachtig dat alleen mensen dat hebben. Laten wij dus het leven maar vieren met deernis en gevoel voor schoon-
heid. Dan zijn wij voluit mens. Misschien zelfs wel zoals God dat bedoeld heeft.

René Romijn

Laatste nieuws

JSN Decor template designed by JoomlaShine.com